Andre Weel: TMGN-columns

  • Dokter Zjivago
    Als ik in het Trefpunt even niks te doen heb, daal ik graag af naar de onderverdieping van F8. Daar bevindt zich een boekencollectie die door onze collega Jan Nassy met grote toewijding wordt beheerd. Daar staat boeiende medische literatuur. Boeken van en over dokters. Veel fictie, dat wel. Zo vind je daar vrijwel alle romans van de arts Simon Vestdijk. Liefst twee planken vol!
    Lees meer En een boek van bedrijfsarts Willem Brakman over zijn correspondentie met Vestdijk. Onthutsend om te lezen hoe Brakman Vestdijk aan recepten hielp en zo diens psychofarmacaverslaving in stand hield. Hier staan historische bronnen! Tijdens de feestdagen was ik verdiept in een boek uit deze collectie dat gaat over een bekende dokter. Geen biografie, maar een historische roman. Dokter Zjivago! Die naam is een begrip, maar ik had het boek nooit gelezen en ook de film niet gezien. Boris Pasternak heeft tien jaar aan dit boek gewerkt en kreeg er in 1958 de Nobelprijs voor literatuur voor. De Sovjet-autoriteiten verboden de publicatie, maar Pasternak had de publicatierechten al verkocht aan een Italiaanse uitgever, zodat het boek buiten Rusland breed is verspreid.
    Wie is Joeri Andrejevitsj Zjivago? Na lezing van het boek is hij in mijn beleving geen fictieve romanfiguur meer maar een mens van vlees en bloed die ik persoonlijk goed heb gekend. Heb gekend, want hij is vroeg gestorven, zo rond zijn veertigste. Het zat hem niet mee in zijn korte leven. Een tragisch levensverhaal. Geboren en opgegroeid in Moskou, eind negentiende eeuw, wordt hij als jonge arts geconfronteerd met de Eerste Wereldoorlog. Hij laat zijn gezin en zijn ziekenhuispraktijk achter en neemt als geneesheer dienst in het leger aan het Westfront. Nog tijdens de oorlog komt de Russische revolutie van oktober 1917 op gang. Dat leidt tot een radicale omwenteling waarbij de bezittende klasse het moet ontgelden. Artsen worden ook tot die klasse gerekend. Zjivago wijst de revolutie op zichzelf niet af, die was nodig volgens hem, maar hij is voortdurend in conflict met de collectiviserende invloed van de revolutie. Voor individueel denken is geen plaats meer. Op dit punt is het boek uitermate kritisch over de Sovjet-Unie. Iedereen praat elkaar na en er ontstaat een sfeer van roddel, achterklap en verraad.
    Tijdens de op de revolutie volgende burgeroorlog tussen de Witten en de Roden (bolsjewieken) wordt Zjivago met geweld gedwongen als arts voor de Roden te werken. Stiekem behandelt hij ook slachtoffers van de tegenpartij. Uiteindelijk weet hij te ontsnappen. Na de burgeroorlog keert hij terug naar Moskou, maar zijn geestelijke toestand verslechtert. Er openbaart zich een hartkwaal en tot medisch werk komt het niet meer. Hij overlijdt tijdens een tramrit in Moskou. Dokter Zjivago is een toegewijd arts die zich met hart en ziel wijdt aan zijn patiënten, onder wie uiteraard vele oorlogsgewonden. Begin twintigste eeuw is een primitieve anesthesie bij operaties al een realiteit. Ook desinfectie is praktijk geworden. In het verhaal maken we echter vooral kennis met de filosoof, de poëet en de minnaar Zjivago, meer nog dan met de dokter. Drie vrouwen, Tonja, Lara en Marina, spelen een grote rol in zijn leven, maar er is nooit sprake van een happy end. Na het lezen van deze historische roman is mijn kennis van de Russische geschiedenis belangrijk toegenomen! Maar ook heb ik een scherper beeld van de Russische mentaliteit. Die lijkt in honderd jaar maar weinig veranderd. Meedogenloosheid aan de top, doffe berusting bij het gewone volk.
    16 januari 2026
  • Hippocrates betreedt de fabriek
    Hippocrates van Kos, wie kent hem niet? De vader van alle dokters. De grondlegger van de westerse geneeskunde. Deze arts uit de Griekse Oudheid heeft ons veel nagelaten. Natuurlijk de artseneed. Maar ook vele geschriften. Hippocrates haalt de artsenij uit de sfeer van bijgeloof en toverij, en gaat op zoek naar een rationele verklaring van ziekten.
    Lees meer

    Er is een geschrift waarin Hippocrates "lucht, water en plaats" in één adem noemt. Dat heeft als titel Περὶ ἀέρων, ὑδάτων, τόπων (Over luchten, waters en plaatsen). We lezen daarin:
    "Wie de geneeskunde juist in praktijk wil brengen moet als volgt te werk gaan. Allereerst moet hij de jaargetijden in acht nemen, en welke effecten elk daarvan teweegbrengt. Dan de winden, de hete en de koude, vooral die winden die in alle landen voorkomen, en dan die welke eigen zijn aan elke plaats. We moeten ook de eigenschappen van de wateren beschouwen, want die variëren in kwaliteit … en men moet ook de grond onderzoeken, de ligging van elke stad, en de leefwijze van de inwoners."

    Hippocrates verwijst hier naar ἀήρ (lucht), ὕδωρ (water) en τόπος (plaats), die hij als de drie fundamentele factoren voor de gezondheid beschouwt. Drie factoren die nog altijd de gezondheid van ons milieu bepalen. Ook van ons leef- en werkmilieu. De geschiedenis leert evenwel dat het Hippocratische gedachtegoed niet zonder slag of stoot dat leef- en werkmilieu binnenkomt! De dokter is niet welkom in de fabriek! In Nederland kunnen we hierover meepraten. In de 19e eeuw weten enkele bevlogen artsen toch door te dringen in de fabrieken. Men noemt deze dokters wel de hygiënisten. Met hun eigen zintuigen onderzoeken zij de arbeidsomstandigheden. En zij steken hun bevindingen niet onder stoelen of banken! Bekend is het onderzoek van Samuel Coronel in de textielindustrie.

    De hygiënisten luiden de alarmklok over de arbeidsomstandigheden, maar zij houden zich niet bezig met de medische behandeling van fabrieksarbeiders. Pas in de vroege 20e eeuw mogen dokters de fabriek betreden om zieke of gewonde arbeiders te behandelen. Dat leidt precies een eeuw geleden tot een hoogoplopend conflict. In 1925 hebben de mijndirecties zelf een medische dienst opgericht die de mijnwerkers een volledige behandeling van klachten en kleinere ongevallen biedt. Die ongevallen worden niet bij de Rijksverzekeringsbank aangegeven, want dat zou alleen maar leiden tot een hogere premie. Ook andere grote bedrijven hebben verbandkamers ingericht en fabrieksartsen aangesteld om de arbeiders te behandelen. De overheid beschouwt dat als wetsontduiking op het punt van de verplichte ongevalsmelding.

    Het conflict escaleert. De mijnondernemingen krijgen een proces-verbaal. Na jarenlang politiek geharrewar komt het in 1928 eindelijk tot een erkenningsregeling voor geneeskundige diensten: het fabrieksartsenwetje (Staatsblad 166-1928). Werkgevers mogen de uitvoering van de Ongevallenwet voortaan deels ‘zelf doen’. Werknemers krijgen toegang tot de fabrieksarts én vrije artsenkeuze. Hippocrates heeft definitief de fabriek betreden! De arbeidsgeneeskunde kan van start gaan. Binnenkort gaan we het eeuwfeest vieren!

    26 januari 2026

Zie ook:

  • Met de presentatie van de bundel Onrust op Urk vierde het Trefpunt op 1 juli 2021 het einde van de lockdown. In  de veertig columns in deze bundel geeft André Weel zicht op de medische wereld en medische geschiedenis. Met ernst en luim. In juli 2023 verscheen de tweede druk (te bestellen bij de auteur).